De vloek van Siargao

Zoals je wellicht op de kaart van Polarsteps hebt kunnen zien, zit er sinds mijn rondje om het eiland weinig beweging in mijn locatie. De vele strepen heen en weer, die mijn afgelopen dagen hebben gevuld, zijn vooral de vele gerichte en minder gerichte wandelingen, tuktuk- en scooter tochten over Tourism Road. De weg van ongeveer zes kilometer lang, die volledig rondom General Luna gaat, vormt het centrum van het stadje. Zo liggen alle hostels, winkels, clubs, restaurants en resorts aan deze weg. Een ritje met een tuktuk kost hier voor locals ongeveer dertig peso's, als toerist betaal je meestal vijftig en soms, wanneer je alleen bent bijvoorbeeld, honderd.
Liever dan nog een verhaal over General Luna, Siargao en mijn uitstapjes en etentjes hier op het eiland, had ik nu een mooie recap geschreven over de Filipijnen als geheel. Toch liep het de afgelopen dagen wat anders. Hiervoor moet ik je wat uitleggen over de Siargao Curse, die hier volgens velen ronddwaalt.
Het eiland schijnt een vloek te herbergen, waardoor zij die naar het eiland komen, niet meer kunnen of willen vertrekken. In sommige gevallen is dit ook zeker waar. Ik sprak bijvoorbeeld een horeca ondernemer die zo'n twaalf jaar geleden vanuit Rusland naar Siargao is gekomen en verliefd is geworden 'vanaf de eerste blowjob'. Dit was Daniel, de manager van BARREL, waar ik in een eerder verhaal over vertelde als de plek waar wij eten bestelden op onze brakke dag. Een collega van hem, een Zweedse jongen, werd hier ook verliefd en verliet het eiland nooit meer. De Nederlandse eigenaar van het Sunlit hostel, Pim, verkocht ooit zijn huis om een nieuw leven te beginnen in Siargao. Ook vele surfers in de omgeving zitten hier al meerdere maanden en zijn voor je het weet meerdere jaren weg. De positieve kant van de vloek is duidelijk. Het is een mooi eiland om te ontsnappen aan het hectische leven in de westerse wereld en de kans bestaat zomaar dat je tegen de lamp loopt en niet meer weg wilt.
Terwijl ik niet bijgelovig ben, grapte ik de laatste dagen over een andere uitwerking, waarop de Siargao Curse mij zou hebben geraakt. Zo had ik al mijn gescheurde hoornvlies achter de rug al zat ik nog midden in de antibiotica kuur - en kreeg ik een aantal dagen voor mijn geplande vertrek van het eiland last van mijn luchtwegen. Het was het ziek zijn waar ik eigenlijk al maanden op wachtte. Bij Bar Bea zei ik regelmatig dat ik het idee had dat ik ziek zou worden, desondanks gebeurde dit nooit. Nu dus wel.
Op achtentwintig november zou ik, na een leuke week op Siargao, vertrekken via Cebu en Manila naar Bali in Indonesië. Ik was toe aan iets nieuws en had het hier, op de meest fijne manier dan ook, ook wel gezien. Geen Siargao Curse voor mij, zou je denken, maar het eiland was nog niet helemaal klaar met mij.
Ik had mijn eerste vlucht vanaf het eiland naar Cebu met opzet gemist, omdat ik langer wilde blijven en het erg gezellig had met onder andere Tjebbe, Ellemijn, Tom, Chiara, Jay en Emmy. De Nederlanders en Tom uit Wales vormden de groep met wie ik de meeste tijd op Siargao heb gespendeerd. We dronken drankjes bij Sunlit, wat we hadden omgedoopt tot ons clubhuis, en gingen vaak samen eten of uit.
Op achtentwintig november, waar ik het verhaal oppak, vloog ik om 16:45 vanaf Siargao naar Cebu met Philippines Airlines om vervolgens om 23:45 met Cebu Pacific door te vliegen naar Manila en om 03:30 naar Denpasar op Bali in Indonesië. Deze zin leest natuurlijk vreselijk weg, maar het zijn belangrijke details voor het vervolg van dit verhaal. Houd vol!
Om kwart over twee werd ik door de shuttle opgehaald bij Sunlit, waar ik afscheid nam van Emmy en Chiara. Hoewel het weer tot op heden goed was, hing er een dreigende sfeer in de lucht. Tijdens onze rit van ongeveer een uur naar het vliegveld, ging het steeds harder regenen, maar toen we op het vliegveld aankwamen, was het weer droog. Ik had trek en rekende erop de komende uren niet te kunnen eten, dus bestelde ik bij een lokaal tentje een portie rijst en pork adobo. Het was koud, maar vulde wel goed.
Toen ik naar de vertrekhal, ongeveer zo groot als een ruim woonhuis, van het vliegveld liep, viel mij op hoe druk het was. Ik appte Tjebbe, die al op het vliegveld zou zijn voor een eerdere vlucht. Hij gaf aan dat Tom net weg was en dat zijn eigen vlucht vertraagd was. Na een korte en niet zo grondige security scan duurde het wachten voor de incheckbalie vrij lang. Alles tot op heden ging echter prima en nog altijd had ik de verwachting om een uur later gewoon in het vliegtuig te zitten.
De vertrekhal was echter zo druk dat het bijna een half uur duurde voor ik überhaupt bij Tjebbe was aangekomen, die achterin zat. Samen wachtten we nog ruim een uur, tot Tjebbe uiteindelijk, na meerdere vertrachtingen, mocht instappen en vertrekken. We zeiden gedag en ik bleef alleen achter. Mijn eigen vlucht PR2383 naar Cebu had nog geen statusupdate gekregen, toen ik ineens een vliegtuig van dezelfde maatschappij zag landen, maar vlak voor het raken van de grond weer zag opstijgen. Dit gebeurde letterlijk voor mijn neus. Ik denk dat dit het vliegtuig moet zijn geweest, waarin ik had moeten zitten, want niet veel later las ik, in mijn browser waarin ik de status van mijn vlucht opzocht, dat mijn vlucht geannuleerd was. Het was een gekke gewaarwording aangezien dit nog niet in de vertrekhal was doorgedrongen. Mijn informatie werd helaas niet veel later bevestigd door de volledig oversturende speakers op het vliegveld. Er ontstond een kleine panieksituatie bij zowel mij als een aantal andere passagiers, waarschijnlijk ook met een overstap. Ik snelde me als een van de eerste uit de vertrekhal en naar de incheckbalie. Ondertussen hing een van de medewerkers een pamflet op met de volgende tekst: "No available flights before december 1st."
Onze vlucht was geannuleerd door het slechte weer rondom Siargao. Door de korte landingsbaan en het slechte zicht konden de vliegtuigen uit Manila en Cebu niet landen, waardoor deze terug moesten keren. Dit was de uitleg die ik kreeg van de baliemedewerker. Het grote probleem was echter, dat deze annulering inhield dat ik mijn vluchten naar Manila en Bali zou missen én omdat dit een andere boeking was bij een andere maatschappij, zou hier geen compensatie voor mogelijk zijn. Er zat niets anders op dan terugkeren naar General Luna en mijn plannen te heroverwegen. Ik was overigens niet de enige die een hoop tijd en geld verloor door dit verhaal. Zo ontmoette ik drie zusjes uit Nederland die hierdoor hun vlucht naar Nederland mistte, wat hen ruim tweeduizend euro zou gaan kosten. Een ander meisje miste hierdoor haar vlucht naar Aukland en had een zelfde soort probleem.
Omdat ik, behalve de nachtferry waar ik niet op zat te wachten, geen andere optie zag dan drie dagen wachten, besloot ik in te checken bij mijn vierde hostel op Siargao. Surfers Hostel was, zoals de naam doet vermoeden, vooral gericht op échte surfers. Bij binnenkomst waren het vooral topless Australiërs en lange Europeanen die de boventoon voerden. Het hostel zag er wel gezellig uit, maar was ook een tikje goor. Men ging er vanuit dat ik hier zonder schoenen zou rondlopen, toch lag er overal zand op de vloer. Ik was overigens behoorlijk uitgeblust en klaar met sociaal doen op Siargao. Ik kende het eiland en had de uitgaanslocaties ook wel gezien. Die avond at ik met Jay en Emmy, die terwijl ik terugreed vanaf het vliegveld bij BARREL hadden besteld. Verder merkte ik vooral dat ik moe was en het liefst zo snel mogelijk mijn bed ik wilde duiken.
Ik sliep in totaal drie nachten in het Surfers Hostel, wat ik een leuk sociaal hostel had gevonden als het niet dag acht, negen en tien op het eiland zouden zijn. De volgende dag - ja ik ga er nu wat sneller doorheen, want ook voor mij begon het inmiddels een beetje repetitief te worden - sprak ik af met Emmy om rond een uur of vier te beginnen met een kroegentocht. Simone, van Kyara, en Chiara, niet van Simone, sloten gezellig aan. Oké, dit moet ik misschien even uitleggen. Simone en Kyara ken je misschien van mijn verhalen over Coron, de boottrip naar El Nido, El Nido, Port Barton en het vliegveld van Puerto Princesa. We hadden, zoals de oplettende lezer weet, hier afscheid genomen omdat ik al lang van Siargao weg zou zijn, wanneer zij hier zouden aankomen. Dit is alleen niet helemaal gelukt, waardoor ik Simone hier nog heb gezien. Kyara was helaas ziek en kon hierom niet mee.
We dronken bij Naga en BARREL en zongen karaoke met een familie op straat. Zo gaat dat nu eenmaal soms in De Filipijnen. Hierna aten we bij Kermit en kwam de toch al ten einde. Het was gezellig, maar niet extreem heftig. Omdat ik inmiddels lekker in de olie zat, ging ik vanaf Sunlit, waar ik met Emmy nog een drankje deed, voor de bonusronde.
Met een stel locals, die bij het hostel werkten, ging ik naar Strum, een café met livemuziek. Het leek me wel leuk om voor de zoveelste keer sinds mijn vertrek, op te treden, dus vroeg ik of ik, vlak voor sluitingstijd, nog een liedje mocht zingen. Ik zong eerst een cover van 'Somewhere Only We Know', van Keane, voor ik een veel te slome versie van de Captain Scarlet klassieker Peace ten gehore bracht. De lokale musici deden met hun percussie gezellig mee, waardoor de rastafari vibe hoogtij vierde. Het was gezellig dus we gingen nog even naar Siargao Beachclub, waar ik inmiddels zo veel mensen tegenkwam, waardoor ik mijn lieve lokale vrienden kwijtraakte. Na deze laatste uitgaansnacht ging ik op eigen houtje ging ik terug naar het hostel.
Mijn laatste hele dag in Siargao was ik best brak en maakte ik grapjes over dat het maar beter is dat ik vanaf morgen naar een Islamitisch land zou gaan. Ik liep een rondje door de stad, haalde wat te eten en ging, na wat glazen water een gesprekken met Emmy en Chiara vroeg naar bed. De Siargao curse had mij verslagen, maar werd de volgende dag hopelijk opgeheven, wanneer ik een nieuwe poging zou wagen om van het eiland te vertrekken.