Ha Giang Loop - Het absolute hoogtepunt

Al ver voordat ik in november van 2024 vanuit Den Haag vertrok, stond er een activiteit bovenaan de lijst, wanneer het over Zuid-Oost Azië ging. De Ha Giang Loop is voor velen het hoogtepunt van een reis door dit deel van Azië. Het concept is simpel. Een vierdaagse motortocht, achterop bij een Vietnamees, door de bergen van Noord Vietnam tegen de Chinese grens.
Dag 0 - De reis naar Ha Giang City
Er zijn verschillende bedrijven die deze tour organiseren, zoals Mad Monkey, Jasmine, Bong en Mama’s. Die laatste is bijvoorbeeld een tour vol Nederlanders, en de eerste drie zijn de party tours. Hiernaast bestaat er ook nog een aantal die het rustiger aandoen. In de herfst van onze jeugd kozen wij ervoor om met Mad Monkey mee te gaan.
We werden rond een uur of half elf opgehaald en realiseerden ons vrij snel dat het grootste gedeelte van onze groep uit mannen bestond. Er stond welgeteld een vrouw op de lijst om de komende dagen mee te reizen, de Australische Sienna. Verder bestond de groep, die we die avond langzaam zouden leren kennen, uit Britten, Australische jongens, een tweetal expats uit Singapore - origineel uit Amerika en India - en een jongen uit Argentinië.
De rit naar Ha Giang duurde in totaal zeven uur en werd verreden in wat een zeer comfortabele slaapbus moest zijn. De pods waren ruim, de bedden lagen lekker maar er was één probleem - er was geen toilet aanwezig. Halverwege de rit stond zowat iedereen in het gangpad met een blaas op springen. Vooral Miro en ik - Baby Blatter Boy Bas, zoals Just vaak zegt - hadden het zwaar. De pauze was welkom en we besloten ter plekke simpelweg niet meer te drinken op en voor busritten in Vietnam. Je kon er namelijk niet op verwachten dat de chauffeur op tijd zou stoppen.
De tweede helft van de rit ging soepeler en rond een uur of vijf kwamen we aan bij de homestay, waar we onze eerste nacht zouden slapen. Miro, Just en ik kregen een kamer met z’n drieën en we maakten onze tassen klaar om mee te nemen op de motortocht. Al snel raakten we in gesprek met Sienna, Aviv en Rana. Ook leerden we de Australische gasten beter kennen. We dronken een biertje en het was eigenlijk meteen gezellig. Sienna kreeg nog aangeboden om twee dagen te wachten en met een andere tour - met meiden - mee te gaan, maar ze besloot te blijven.
Om zeven uur werd ons het eerste maal van de tour verschaft. We aten verschillende gerechten en het eten was goed. Loempia’s, rijst, kip, baby kip - oftewel ei, varkensvlees en meer. Uiteindelijk zou blijken dat dit het dieet zou zijn voor het grootste gedeelte van de reis. Net als dat het ontbijt altijd zou bestaan uit pannenkoeken, instant noodles met een ei of scrambled eggs en toast.
Het diner was ook onze kennismaking met onze lokale tourgids Danny, een aantal van de easy drivers - lokale gasten met motoren die ons vier dagen zouden gaan vervoeren - en happy water. Happy water is lokaal gestookte alcohol, vaak op basis van rijst of fruit. Voor het diner kregen we onze eerste dosis voorgeschoteld. - Hai Ba Zô! Proost.
De avond verliep gezellig en we maakten kennis met elkaar, terwijl we aan het vuur genoten van een twee liter blik bier in onze handen. Na een tijdje werd ik aangesproken door een Vietnamees die als Engelstalige naam - om het makkelijker te maken - Hendy had. Hij vroeg mijn naam en zei vervolgens de legendarische woorden, “I am your driver.” Ik was gekozen als tweede, aangezien Sienna, Danny, onze tourgids, al had gestrikt als chauffeur. De rest moest wachten tot de officiële eerste dag van de tour, om te horen bij wie ze achterop gingen.
Dag 1 - Wat een uitzicht en geweldig weer.
Na het ontbijt kregen we op de eerste dag een briefing van de Mad Monkey baas in de homestay. Dit was weldegelijk een mannetje. Hij sprak vloeiend Vietnamees en zette alle drivers, die inmiddels waren aangekomen, op hun plek als ze door hem heen spraken. Goed, we moesten altijd de helm op op de motor, af en toe een drankje kopen voor onze drivers en vooral genieten. De weersverwachting was goed voor de eerste twee dagen, dus we geloofden hem maar. Vervolgens nam Danny het over en vertelde hij over de route, voor we na iets te lang wachten uiteindelijk konden vertrekken.
Achterop bij Hendy, mijn jongere broertje voor de komende vier dagen, reden we de eerste kilometers Ha Giang uit. Al snel zagen we de karstbergen boven het landschap uitsteken. Het was prachtig. Na ongeveer een half uurtje stopten we bij het eerste uitzichtpunt, midden in de bergen. We haalden een biertje, namen wat foto’s en reden weer door. Dit zou de routine zijn voor de komende dagen. Sommige stops duurden een kleine tien minuten, soms twintig, maximaal een half uur. We reden lekker door. De uitzichten waren ongelooflijk, keer op keer weer. Al op de eerste dag was het gevoel van euforie, dat ik de laatste maanden tijdens het reizen een beetje kwijt was, helemaal terug.
Na de lunch reden we door naar nog een aantal stops tot we uiteindelijk aankwamen bij een waterval. Het was inmiddels ijskoud en het water was niet veel beter, maar toch sprongen Just en ik van een rots het water in. Het was de laatste stop, voor we bij onze volgende homestay in Du Gia aankwamen. We checkten in, en het plezier kon beginnen. Mad Monkey was vervolgens een party tour. In de homestay zat dus een bar, een club en het werd er steeds gezelliger. Na het eten speelden we pool met onze easydrivers, genoten we van een uur lang gratis bier in een barretje om de hoek en dropen we allemaal langzaamaan af naar de club.
Van verschillende andere tours kwamen er langzaam maar zeker ook mensen de club binnen en het bleef nog lang gezellig op de eerste echte avond van de tour. Dit is wat reizen is in z’n puurste vorm. Locals, reizigers, een drankje, een dansje en natuurlijk de vrouwen. Nu vertelde ik dat Sienna de enige vrouw was in onze groep. Daar moest ik natuurlijk achteraan. We hadden al wat leuke gesprekken gehad en er was weinig te verliezen. Tevens was zij de enige die een privékamer toegewezen had gekregen, aangezien Danny medelijden had dat ze als enige vrouw met negentien mannen in de groep zat. De sterren stonden weer eens in de juiste richting vanavond.
Om twaalf uur was het eerst tijd voor het grote moment van het weekend. Just was jarig! Ik regelde een flesje happy water, we deden shotjes en vierden het alvast, voor de volgende dag volledig in het teken stond van zijn verjaardag. Snel na twaalf uur raakte ik Miro kwijt en Just vervolgens mij ook. Het was alle trossen los. Hij had het de rest van de avond gezellig met Leo, een van de Australische gasten, terwijl ik die privékamer infiltreerde.
Dag 2 - Bambooraften, nog meer uitzicht en karaoke
De opzet van de volgende dagen was soortgelijk. Je moet het van me aannemen dat de uitzichten prachtig bleven en de tijd op onze motoren ook absoluut fantastisch was. Af en toe kreeg je er alleen een flink pijnlijke kont van, maar ook dat trok snel weer weg, wanneer je eventjes stil stond. Het was just zijn verjaardag dus de hele dag was een soort pubcrawl, van uitzichtpunt tot uitzichtpunt. De activiteit van de dag was een ritje op een bamboo raft in een klein dorpje. Dit was echter niet zo spectaculair en het was ook te koud om te zwemmen. Bovendien was ik mijn zwembroek vergeten in het vorige hostel.
Na het raften en nog wat uitzichtpunten was het volgende stadje groter dan de dag ervoor. Hier sliepen we wederom in een homestay, waarbij iedereen in een grote dorm lag. Knus en gezellig. Het speciale aan deze locatie was dat de homestay een eigen karaokebar had ingebouwd. Om de hoek zat er nog een en we zongen een aantal liedjes na het eten. Just kreeg een taart, die voornamelijk over zijn en zijn chauffeurs gezicht werd uitgesmeerd. Ik nam er geen hap van.
Na het inzingen in onze eigen karaokebar en nog een uur gratis bier, verplaatsten we ons naar de volgende bar om de hoek. Ook hier was karaoke - wat in Azië de nummer één volkssport is - het hoofdgerecht. Na het inzingen met mijn Argentijnse vriend van de tour, deed ik tot nu toe mijn beste uitvoering van Somewhere Only We Know van Keane. Dit was de zevende keer sinds ik Australië verliet. Een solide negen.
Het nagerecht van de avond zat hem in ons gezelschap. Sienna was uiteindelijk toch naar de club gekomen en ook Miro en Just waren inmiddels vergezeld door Floor en Jullie, die met een andere groep de Ha Giang Loop deden. Het bleef nog lang onrustig.
Dag 3 - De Chinese grens, het noordelijkste punt van Zuid-Oost Azië en voetballen met de chauffeurs.
Op dag drie begon het flink af te koelen. De poncho’s kwamen tevoorschijn, ik kocht handschoenen en het begon ook regelmatig te regenen. Zeker in de wolken, die richting de Chinese grens steeds dichterbij kwamen, zag je soms geen hand voor ogen. Het maakte de uitzichten niet minder spectaculair, maar zorgde er wel voor dat we bij onze eerste grote stop van de dag voor koffie kozen in plaats van bier. Onbewust begon ook de vermoeidheid erin te sluipen.
We stopten bij de Chinese grens, die je vanaf het lokale cafeetje op tien meter afstand kon zien liggen. Drie grote hekken, honden en camera’s aan de andere kant overtuigden iedereen die er nog aan dacht eventjes over te steken. Deze grens is geen grap. Ik kocht een koffietje voor Hendy en de chauffeurs van Miro en Just en we reden weer door. De neppe AirPods die Miro en ik hadden gekocht in Hanoi begonnen inmiddels echt hun vruchten af te werpen. Muziek achterop de motor gaf een goede soundtrack voor de magische omgeving waarin we reden. Ook de skills van onze chauffeurs moeten benoemd worden. In vier dagen is niemand gevallen, terwijl de wegen echt niet makkelijk waren.
De volgende stop was op dag drie de Lung Cu toren, het noordelijkste punt van Vietnam en dus Zuid-Oost Azië. Het is hier allesbehalve tropisch en we vochten tegen temperaturen van rond de vijf graden. We hadden lunch in het dorp in de buurt, voor we een lang stuk doorreden naar de laatste stop van de dag. Een kunstgrasveld waar we een flinke pot voetbal speelden. Onze conditie is natuurlijk helemaal naar de knoppen, maar het spelen was leuk. Ik scoorde de eerste goal en deed ook als keeper m’n werk. Ik denk dat we uiteindelijk ongeveer een uur op volle intensiteit hebben gespeeld, voor het tijd was om te douchen bij onze laatste homestay van de tour.
Deze homestay was eigenlijk de minst spectaculaire van allemaal, maar het was wel gezellig. Met de Britten, Miro en Just speelden we een aantal kaartspelletjes. We dronken happy water en maakten er een mooie avond van. Een andere groep die ook in het dorp sliepen, vergezelde ons later, maar een aantal van hen namen de hele sfeer over helaas. Ik zou toch durven zeggen dat we alles uit de Ha Giang Loop hebben gehaald en we hadden nog een halve dag te gaan.
Dag 4 - Afscheid nemen, de laatste kilometers en de bus (gemist) naar Hanoi.
Op dag vier werden we vrijwel allemaal gesloopt wakker, wederom niet in mijn eigen bed. Na een ontbijt van instant noodles reden we de laatste kilometers vanuit Quan Ba naar Ha Giang. Onderweg stopten we nog een aantal keer, waaronder bij een klein dorp waar ze van hennep linnen maakten. We kregen het proces te zien en het was best interessant. Toch was iedereen vooral gesloopt en klaar om terug te gaan.
Nog een uitzichtpunt hier en daar, maar uiteindelijk na de lunch zo snel mogelijk naar de stad. Rhyse, een Britse gast, zong nog een liedje karaoke met Danny, voor we dan toch echt het laatste deel terug reden. Eenmaal in de stad zag je de moegestreden gezichten van iedereen. We hadden de Ha Giang Loop voltooid.
Danny zei dat we tot zes uur hadden tot de bus ging. Het was pas drie uur ‘s-middags en dus kregen de jongens en ik het geniale idee om een massage te halen om de hoek. Ik vertelde dit tegen Sienna en Miro, Just en ik vertrokken.
Daar lagen we dan, heerlijk relaxed op een bedje. Drie bloedmooie Vietnamezen knepen we voor een de knopen uit onze schouders en rug. Dit deed best pijn, maar het voelde ook prettig. Een tijdje ging dit door tot ze opeens hete stenen op mijn rug legde. Een aangename verrassing die snel omsloeg toen we de rumoer hoorden op de gang. Ik had mijn ogen nog gesloten, maar de deur vloog opeens open. “Get up now!”, “The bus is leaving.” Het was nog niet eens vier uur, maar daar stond Danny, onze gids, terwijl wij halfnaakt op de bedjes lagen. Met die stenen op onze rug was in een keer opstaan ook moeilijk. Uiteindelijk duurde het misschien drie minuten voor wij verward buiten stonden. De bus was blijkbaar al vertrokken en Danny zei dat de bus nu wel om zes uur ging. Het leek alsof hij een grapje maakte. Iedereen was weg. Sienna had mij ruim tien keer gebeld, maar mijn telefoon stond op vliegtuigmodus. Er zat niets anders op dat wachten op de volgende bus, waarvan we blij waren dat deze nog kwam. We hadden nog wat tijd om te eten en genoten van een Bun Cha, noedelsoep met rundvlees.
Waar de rest van de groep een normale bus had, hadden wij het geluk bij een ongeluk dat er om zes uur opeens een slaapbus voor onze neus stond. We stapten in en kwamen zo’n zeven uur later aan in Hanoi. Wat een ervaring was dit. Wellicht de best uitgegeven driehonderd euro in mijn reis carrière.