← terug naar de atlas

Port Campbell · mei 2025

Jarig en de laatste loodjes - week tien en elf

Jarig en de laatste loodjes - week tien en elf — Port Campbell

Sinds het vertrek van Samir, wat ik beschreef in mijn vorige verhaal, heb ik veel nagedacht over mijn eigen toekomst op de boerderij. Ik werd onrustig van het feit dat ik al bijna drie maanden tussen de koeien leefde, maar nog geen definitieve datum van vertrek had. Hoewel ik inmiddels gewend was geraakt aan het vroege opstaan, doordrenkt zijn in koeienstront en alsmaar dezelfde sociale contacten, begon het steeds meer te kriebelen om te vertrekken. Ik dacht aan de roadtrip die ik zou gaan maken, de mensen die ik hierdoor zou ontmoeten en de nieuwe locaties die ik hierop zou ontdekken. Het was tijd om te gaan en dus besloot ik om eerder dan gepland, op 6 mei te stoppen met werken bij Cossack’s Dairy Ltd.

Mijn werk was sinds Samir’s vertrek een stuk lastiger werken, door mijn promotie als ‘senior milker’. Met Malte, mijn nieuwe Duitse collega, moest ik nadenken voor ons allebei. Niet erg natuurlijk, dit zal Samir bij mijn aankomst ook hebben gehad, maar op mij had dit onder andere het effect dat ik mezelf steeds moeilijker kon motiveren om te gaan melken. Hier bovenop kwam het feit dat Malte hetzelfde probleem had als ik. Ook hij had alleen bereik in het huisje naast de schuur, waardoor hij hier bleef slapen, ook toen Samir vertrok en zijn kamer vrijkwam. Ik was mijn privéchalet dus kwijt. Ik maakte geen muziek meer en ook het schrijven voor mijn scriptie ging een stuk lastiger, omdat ik de deur uit moest naar een restaurant met goed internet zoals ‘Schultz’, ‘12 Rocks’ of ‘Grassroots’. Niet ideaal.

Omdat ik steeds meer opkeek tegen het werk, probeerde ik zoveel mogelijk uitstapjes te maken. Zo ging ik met Malte, na ons boodschappenrondje, naar de bioscoop om de twintig jaar oude film Star Wars: Episode III: Revenge of the Sith te kijken. Dit is mijn favoriete Star Wars film en dus de perfecte afleiding van het boeren leven. Een week later ging ik alleen naar Towerhill Wildlife Reserve. Onderweg was ik in Timboon al een Koala tegengekomen, die de straat wilde oversteken, maar in het nationaal park liep ik al vrij snel tegen de eerste Emoes aan, die een man achtervolgden die ze één chipje had gegeven. Ze wilden de hele zak. Hier maakte ik een wandeling naar de vulkaantop, want ook dit was een oud vulkanisch gebied. De ligging, een kwartier van Warrnambool, was apart als heuvelachtig gebied in een verder vlak boerenlandschap. Alsof het zo had moeten zijn, was dit een van de laatste nationale parken die ik nog graag wilde zien in Victoria, nadat ik in de week van Malte zijn aankomst met hem naar Childer’s Cove was gereden. Zie de foto’s in dit verhaal.

Twee dagen na mijn bezoek aan het nationaal park vierde ik mijn verjaardag én mijn laatste dagen op de boerderij. Verjaardagen waren een soort routine geworden. Na de ochtendshift, aten we met z’n allen chocoladetaart en dronken we bier. Hoewel het elf uur ‘s-ochtends was, is dit ook de meest logische tijd om met z’n allen bier te drinken. Zo zijn de ochtendmelkers al een paar uur wakker en hoeven deze niet direct naar bed. ‘s-avonds liggen zij, vaak Niels en Alex, al op bed wanneer wij, de avondmelkers, thuis komen. Niels en Alex hadden dus een prachtige taart en Belgisch blondbier geregeld en ik voelde me echt jarig. Dit kwam ook door een grote doos met cadeautjes en kaarten van thuis, die mijn moeder, Maurice en Eva hadden opgestuurd. Erg lief. Naast taart, konden we dus ook in een keer genieten van drop(!), apenkoppen(!!), roze koeken en stroopwafels. In de schoenendoos, die ik al bijna een maand op mijn tafeltje had staan, zaten ook twee tijdschriften, wokkels(!!!) (die deel ik niet), een pen en boekje en nog wat andere lieve spulletjes. Ik had geen heimwee en zelfs werken was op mijn verjaardag best leuk. Voor mijn dienst reed ik met Niels, die ik niet dacht niet meer te laten rijden sinds ons ongeluk, door de weilanden over heel de boerderij. Het weer was prachtig en ik vermaakte me goed. We zeiden nog even gedag tegen Mocha en de andere kalfjes en toen reed, toch Niels, ons weer terug.

De laatste dagen voor mijn vertrek stonden volledig in het teken van mijn vertrek. Ik maakte mijn auto schoon, vergat totaal dat ik nog een scriptie moest schrijven en liet het allemaal maar even gebeuren. Zelfs werken was zo erg niet meer, omdat Niels mij hielp door mijn dinsdagochtend dienst over te nemen. Nog drie keer werken, nog een dubbele dienst, nog één dienst. En toen was het klaar. Gisteren riep ik nog één keer ‘last cow!’ Terwijl de laatste koe het platform op liep. Vanochtend haalde ik mijn bed af en zorgde ik dat ik al mijn spullen had, voor ik eindelijk gedag zei tegen Alex, Niels en Malte. In mijn rode bolide reed ik weg van de plek die ik thuis was gaan noemen. Het was gek, fijn, maar ook spannend. Op de goede manier, want wat heb ik veel zin om weer even onderweg te zijn. Toch ben ik nog niet helemaal van mijn verplichtingen af, want die scriptie moet nog worden geschreven, maar dat is voor morgen. Vandaag ben ik weer op reis.