Nachtbus - Vientiane - Hanoi

Vandaag doen we het ietwat anders. Met de jongens neem ik namelijk de nachtbus van Vientaine, de hoofdstad van Laos, naar Hanoi, de hoofdstad van Vietnam. Het is een lange rit van - zo geeft 12Go aan - 23 uur en dus leent dit zich perfect voor een realtime verslag. Zie het een beetje als een liveblog, maar dan, natuurlijk, niet live.
Om 12:30 worden Miro, Just en ik worden met een tuktuk opgehaald vanaf Sabai Sabai Hostel. Ik heb even hiervoor met Heini nog een hapje gegeten en nog eerder met veel pijn en moeite mijn tas ingepakt. Zo’n voedselvergiftiging hakt er toch in.
Op het treinstation moet al onze bagage door een strenge controle. Het perron is namelijk gemaakt door de chineze overheid en er gaan dus dagelijks treinen van en naar Kunming richting Vientaine. Wij hoeven maar een halte mee, naar de Laotiaanse hoofdstad. De rit gaat snel en ik val al bijna in slaap. Ik hoop dat dit een voorteken is voor de nachtbus die we zo nemen. Met al onze bagage - behalve de afgepakte deobus van Miro en Just’s zakmes - komen we aan in Vientaine.
Vientaine is een shithole. Er is niets te doen, het ziet er niet uit en hoe korter je hier bent, hoe beter. We blijven het liefst zo kort mogelijk, maar onze bus werkt niet mee. Daar gaan we.
Rond half drie komen we aan op het zuidelijke busstation van Veintaine. Het was een behoorlijke opgave om de bus te vinden. Maar na een half uurtje zoeken, hadden we hem gevonden. Deze zag er best goed uit op het eerste oog, maar het eerste probleem kwam al snel naar boven. De airco was kapot.
Twee uur later, om half zeven, konden we eindelijk de bus in. Nog een half uur later waren we klaar om te vertrekken. Het duurde nog best eventjes, maar dit kwam door een aantal dingen. Er was een vrouw met een kat die wilde meeliften, waardoor twee britse meiden samen in een bed moesten liggen, terwijl ze toch echt voor een eigen bed hadden betaald. Uiteindelijk werd de kat plat gelegd en mochten de meiden hun bed behouden. Omdat de bus overboekt was, moesten twee andere Finse meiden wel een bed delen.
Toen al het gezeur om 20:00 eindelijk voorbij was, konden we eindelijk gaan liggen. Mijn bed is namelijk erg comfortabel en heerlijk alleen. Gelukkig heb ik meerdere films en series gedownload om de komende uren te bekijken. Attack on Titan, Rick and Morty, Stranger Things en meer. Met alle meiden in deze bus, voelt het weldegelijk als een kippenhok trouwens, maar hopelijk zal dat de komende uren afnemen. Langzaam maart zeker, met de hulp van Just’s slaappillen viel ik weg. Af en toe had ik weldegelijk het idee dat ik wakker werd, maar lang was het nooit. Hoewel de LED-strip links in mijn cabine uit ging en ook heb witte gangpadlicht werd gedoofd, bleven de discolichten nog lang aan. Toen deze uiteindelijk ook uitvielen, ging de nacht snel.
Om 06:45 werd ik grof wakker geschreeuwd door een klein Vietnamees mannetje, die alleen het woord paspoort gebruikte. Hier begon alle elende. Opeens lag een andere vietnamees naast mij in het gangpad - raar genoeg opzich. De schreeuwlelijk was geen douanemedewerker, maar een van de buschauffeurs. Zo snel als we konden moesten we allemaal de bus uit. Omdacht ik verwachtte nel weer terug te zijn, pakte ik alleen mn trui, schoenen en paspoort. Mijn geld, laptop en eten lag nog over het bed verspreid. Buiten was het ijskoud, kon je net zo ver kijken als toen ik Minecraft speelde op mijn aardappel computer in 2010 en regende het. We stonden aan de grens. Na het plassen en een eerste klaagsessie over hoe koud het was - Miro en Just stonden in hun korte broek en op slippers - liepen we naar het eerste huisje, waar we onze exit-stempel kregen van Laos. Dit was eigenlijk prima, hoewel we geen enkele instructie kregen van onze buscrew, waardoor we hierna geen idee hadden waar we heen moesten. Met deze stempel op zak, liepen we langs een controlepost de brug over rond een uur of kwart over zeven. Dit was de officiële grens tussen Laos en Vietnam. “Gooooooood morning Vietnam!” zei ik, terwijl Miro de gitaarrif van Fortunate Son begon te zingen. Niet omdat we het zo naar onze zin hadden, maar vooral om onszelf af te leiden van de ongelooflijke kou.
Zonder enig idee te hebben waar we heen liepen, kwamen we opeens bij een derde gebouw aan. De immigratiedesk van Vietnam. Als Nederlander kun je sinds afgelopen jaar 45 dagen zonder visum Vietnam in. Dat is boffen, maar wel heb je bij de grens blijkbaar per persoon 50.000 Vietnamese Dong nodig. Niet omdat dit beleid is, maar omdat je anders niet geholpen wordt. Uiteindelijk mochten we van een van onze Britse vriendinnen uit de bus wat geld lenen, waardoor we snel werden geholpen. Dit was echter totaal onnodig want na snel onze stempel te hebben gehaald - we hoefden de medewerker nieteens aan te kijken - begon het wachten pas echt.
De volgende drie uur stonden in het teken van ruzie maken met onze buscrew, bibberen in de ochtendkou en doorweekt raken in de regen. Onze buschauffeur wilde ons niet in de bus laten, terwijl de vrouw met de kat er inmiddels nog steeds zat. Het leek op niets meer of minder dan racisme, maar eigenlijk mochten ze ons gewoon niet. Wellicht was het Charlotte, de pittige Britse tante die net een te grote mond had en van alles een punt maakte, of was het onze hele groep die ze niet aanstonden. Deze ervaring was in ieder geval alles behalve ‘premium’, ‘luxury’ of uberhaupt menselijk. Laat staan dat je er ruim vijftig euro per persoon voor moet betalen. Het was een soort veetransport.
Na voor de honderdste keer door de kleinste Vietnamees te zijn weggewuifd bij de bus, staan we uiteindelijk rond 11:30 klaar om weer in te stappen, na onze handen te hebben opgewarmd bij het straatvuurtje van een willekeurige Vietnamees. Eindelijk in de bus rijden we weer ruim een uur tot we aankomen bij onze ontbijtstop.
Het ontbijt bestond uit een in stukken geknipte kip in boulion, Bo La Lot - een van de weinige gerechten die ik ken omdat ik deze weleens bij Little V in Den Haag heb gegeten - en een beefgerecht met uien. Het was prima, maar waarschijnlijk niet het fantastische Vietnameze eten waar ik maanden op heb gewacht. Om 14:00 rijden we nadat onze chauffeur weer aggresief stond te toeteren om ons naar binnen te krijgen, weer door. Ondertussen stoppen we meerdere malen, maar we mogen de bus niet uit. Pas om 18:45, na aandringen van iedereen in de bus, mogen we weer een keer plassen. Het is inmiddels ruim twaalf uur geleden dat we bij de grens aankwamen. In de tussentijd heb ik vooral veel geslapen, de laatste afleveringen van Stranger Things gekeken - ik heb een klein traantje gelaten - en zelfs een aflevering Attack on Titan gekeken, voor ik weer in slaap viel.
Deze hele ervaring voelt een beetje als een schoolkamp, waarbij je als groep een band vormt door al het leed dat je samen meemaakt. Dat dit veetransport dan nog ergens goed voor mag zijn. Waar deze rit ook goed voor was, deze reisverhalen. De laatste twee uur van de rit, schreef ik aan een stuk door alle verhalen van Laos op, terwijl ik ook de laatste hand legde aan dit busverhaal. Na een enerverende rit, kwamen we uiteindelijk om 20:30, drie uur na de verwachte eindtijd en ruim dertig uur na vertrek uit Vang Vieng aan in Hanoi. We waren verrassend uitgerust.