← terug naar de atlas

Shire of Colac Otway · feb 2025

Op Tinderdate in het zaaddodende Geelong

Op Tinderdate in het zaaddodende Geelong — Shire of Colac Otway

Hoewel ik de afgelopen tijd redelijk openhartig ben geweest in mijn verhalen, heb ik de ‘18+’ content van de afgelopen maanden net als de ups maar vooral downs van mijn liefdesleven voor jullie gemoedsrust altijd achterwegen gelaten. Omdat ik nu toch iets dieper moet graven voor spannende verhalen, zal ik bij hoge uitzondering, dit verhaal met jullie delen. Ik moet zeggen dat het natuurlijk geen échte date was, maar de clickbait titel prikkelt misschien om toch door te lezen!

Sinds ik weg ben uit Thailand, heb ik me best moeten aanpassen. Ik ben voor het eerst in een lange tijd weer echt op mezelf aangewezen met geen perspectief op een korte termijn oplossing voor dit gegeven, want een probleem wil ik het niet noemen. Hoewel ik graag alleen reis, ben ik niet graag alleen. En om eerlijk te zijn, voel ik me in dit enorme land soms wel zo. Het rijden over de eindeloze wegen gaat mij goed af, want dan luister ik heerlijk naar muziek - vooral het nieuwe album van Inhaler doet het nu goed - en soms wel vijf voetbalpodcasts na elkaar. Zo ook toen ik naar de gratis camping reed nabij Jamieson Creek. Op deze camping was weinig te doen, waardoor ik mijn Tinder app maar eens opende. Het swipen is namelijk bezigheidstherapie op dezelfde manier als dat eindeloos scrollen op Instagram of TikTok ook kan zijn.

In het buitenland gebruik ik deze app vooral om ‘te kijken wat er rondloopt’ en in te zoomen op cultuurverschillen. Ik had een gesprek met Penny, een meisje uit Geelong, die graag wilde afspreken. “Top! Dagbesteding!” Dacht ik.” De volgende dag zouden we om 11:30 afspreken bij Barwon Park Mansion, een landhuis uit de negentiende eeuw, gebouwd voor Thomas en Elizabeth Austin. Het huis zou veel geschiedenis hebben, wat relatief zeldzaam is voor de regio.

Toen ik na mijn koffietje in Winchelsea, vanuit waar ik mijn vorige verhaal schreef, vast zat te wachten en ik hoorde dat Penny een uur later zou zijn, zette ik nog maar een podcast aan en ging ik schrijven. Ik had natuurlijk geen haast en besloot me er niet druk om te maken. Toen ik een uur later bij het landhuis stond ze aangaf nog steeds niet vertrokken te zijn, omdat ze de deur moest doen voor haar nieuwe huisgenoot, omdat ze midden in een verhuizing zaten, besloot ik maar die kant op te rijden. Het wachten had wel lang genoeg geduurd.

Binnen een half uur reed ik terug richting Geelong, waar ik al eens eerder was geweest en een dag eerder ook nog boodschappen had gedaan bij de Aldi. Tot mijn schrik was het adres dat Penny had opgegeven niet ver van het toch zeer deprimerende winkelcentrum van Waurn Ponds, waar ook de Aldi zat. Ik nam een afslag, ging bij de rotonde naar rechts, toen een keer naar links, om vervolgens de weg te volgen en de parkeren in een woonwijk, zoals Australië er velen heeft. Na ruim twee uur wachten, een half uur rijden en daarmee een hand vol rode vlaggen, stond ik voor de deur bij een Australische meid die in een ander universum de liefde van mijn leven had kunnen zijn. Het is natuurlijk dé grap die iedereen maakt, wanneer je alleen naar Australië vertrekt. “Misschien krijg je wel een Australische vriendin en kom je wel nooit meer terug.” Zou dit haar dan zijn?

De deur ging open van een toch erg groot maar laag en vrijstaand huis, toen Penny naar buiten kwam. Nog voor ik hallo kon zeggen, bood ze haar excuses aan en bedankte me ze voor mijn flexibiliteit. “Je begrijpt dat ik niet veel beters te doen heb, en deze dag nu al een groot avontuur is?” Zei ik om het gewicht er vanaf te halen. Ze bood me wat te drinken aan, terwijl ze zich verontschuldigde voor de rommel in haar huis, waar ze net twee weken woonde. Het probleem met haar aanbod was niet dat ik moeilijk deed om wat ze in huis had, maar vooral dat ze niets in huis had en kraanwater in Australië niet echt een goede binnenkomer is voor mensen die niet van zwembadwater houden. Ik kreeg een flesje cola van haar huisgenoot, die ze zelf nog niet had ontmoet. We gingen zitten op de bank.

Zo zat ik opeens op de bank met een Australische dame te praten over verhuizen, Australische cultuur, boeken en het verschil tussen woonwijken in Europa en Australië. Ik kon er niet overheen komen dat alle huizen hier zo ver uit elkaar lagen, niets op loopafstand is en ook fietsen niet echt een ding is. Penny kon niet fietsen zei ze. In Australië is het ook verboden om zonder helm de fiets op te gaan, in Nederland is het dragen van een helm alleen voor Duitsers en andere expats weggelegd. Het gesprek ging door over het halen van je rijbewijs, wonen in een dorp op anderhalf uur rijden van de stad en uiteindelijk werk. Penny werkte sinds het afronden van haar studie in een een boekenwinkel zonder enige wens om iets anders te gaan doen. Ook dit is een belangrijk cultuurverschil tussen Nederland en Australië. Zo is het in mijn omgeving ondenkbaar om geen kritiek of vragen te krijgen als je een ‘simpele’ baan hebt, maar wel hebt gestudeerd. Zij leek content met haar baan en toen het toevallig ging over het postkantoor, leek ze ook daar wel te willen werken. Iets wat we in Nederland nog weleens willen wegschuiven als een gebrek aan ambitie, zoals ik zelf in het verleden ook regelmatig zou hebben gedaan. We hadden leuke gesprekken en ik keek mijn ogen uit in het huis van Penny en haar huisgenoten, maar wist een ding al zeker vanaf het moment dat ik voor de deur stond. Dit is niet het meisje voor wie ik in Australië zal blijven. Voor geen goud zou ik in Geelong kunnen wonen en ik had nogal moeite met het feit dat ze aangaf niet van eten te houden. Dat ik me fysiek totaal niet tot de beste meid aangetrokken voelde, laten we dan nog maar buiten beschouwing. Het was wel een gezellige dag. Ik besloot mijn weg te vervolgen, via de McDonalds op het trieste industrieterrein om de hoek, richting Lorne aan de Great Ocean Road.

Ik weet dat ik een dag eerder ook al bij Maccas was gaan eten, maar die kipburger die ze ook in Thailand verkochten, had een soort verslavende werking op mijn brein. Dit is écht de laatste, beloofde ik mezelf, terwijl ik ook deze burger met een extra stuk kip naar binnen werkte.

De rit naar de wederom gratis camping in Jamieson Creek duurde ongeveer anderhalf uur en ik had mijn kampeerplek vast gereserveerd. Het was een prachtige weg die ik voor een groot deel al had afgelegd met Jynthe, toen we samen de Great Ocean Road afgingen. Dit keer nam ik, op een stuk dat ik me nog goed herinnerde een afslag in het Great Otway National Park. Hier lag honderd meter verderop de camping, die tot mijn verbazing goed gevuld was. Helaas had ik geen verbinding hier, waardoor ik om zeven uur al in mijn uitgeklapte daktent lag. Ik had geen series gedownload en dus was het na een kleine gin tonic tijd om vroeg naar bed te gaan.