Tetebatu - Promoveren tussen de rijstvelden

Aan de andere kant van de vulkaan ligt het dorpje Tetebatu, waar ik na één nacht in Senaru naartoe vertrok. Het kostte me een taxirit van ongeveer drie uur om hier te komen, maar onderweg genoot ik van het prachtige uitzicht over de noordkust van Lombok en de hoogvlaktes van Sembalun. Dit laatste dorpje ligt hoog in de bergen en staat bekend om de geweldige uitzichten en hikes. Vaak is dit ook het begin van de wandeltochten naar de vulkaan. In mijn geval was het helaas bewolkt, maar daardoor niet minder spectaculair. Uiteindelijk werd ik beloond met een geweldig uitzicht over het dorpje, terwijl ik vragend werd aangekeken door een stel grijze apen.
Rond het middaguur kwam ik aan bij Sama Sama Hostel in Tetebatu, waar ik een nacht had geboekt. Ik zou het hier echter zo leuk hebben dat ik nog een nacht bijboekte. Ik checkte in in een simpel hutje, dat ik voor mezelf had. Vanuit mijn raam en zelfs hangmat keek ik uit op de rijstvelden, waar Tetebatu bekend om staat. Ik boekte een tour voor de volgende ochtend en kreeg de tip van mijn host om naar een tweetal watervallen te scooteren, die een uur verderop lagen. Na een lunchmaaltijd van kiprendang met witte rijst, was ik onderweg.
Zoals je inmiddels weet, is er voor mij weinig fijner dan rondrijden op een scooter. Specifiek in Azië waar je zelfs kinderen in hun vroege tienerjaren op scooters ziet rijden, is dit een tweede natuur. Je zou haast kunnen zeggen, dat dit de cultuur van Zuid-Oost Azië kenmerkt. Via kilometers aan rijstvelden kwam ik uiteindelijk uit bij een parkeerplaats, waar ik tactisch een kant op werd geduwd. Het was vergelijkbaar met de vorige middag, toen ik in Senaru ook ondr druk werd gezet een tourgids mee te nemen. Hoewel ik dit nog geweigerd had, besloot ik er dit keer wel in mee te gaan. Het kostte me overigens maar zeven euro en hij beloofde me op de scooter mee te nemen, wat een vrij saaie wandeling van een half uur scheelde.
De eerste waterval was bij lange na de mooiste die ik in een lange tijd had gezien. Benang Kelambu, was onderdeel van een waterbron die rechtstreeks uit de hoge rotsen kwam zetten. Het was een grote regendouche en zag er prachtig uit. Ik refereer eventjes naar de foto’s. Zelfs een aantal van mijn favoriete Australische watervallen, zouden het tegen deze gigant afleggen. Terwijl mijn gids foto’s en video’s van mij nam, liet ik me wassen onder de waterval. Ik nam zelfs een aantal slokken, want het water was zo vers als maar kon.
Hierna gingen we door naar een tweede, minder indrukwekkende, maar nog altijd mooie waterval. De hele omgeving had veel weg van Jurrassic Park en hierover grapte ik dan ook constant met mijn gids, die mij op zijn beurt heel de tijd Susak, de lokale taal in Lombok, probeerde te leren. Voor ik vertrok, stond hij erop dat ik meekwam naar zijn huis, waar hij mij een korte maar gewaardeerde rondleiding gaf door zijn eigen rijstvelden. Ik leerde dat het ongeveer drie maanden duurde om rijst te groeien en dat de oogst begint, wanneer de rijst geel kleurt.
Op de terugweg en ‘s-avonds merkte ik pas hoe intens de lokale bevolking hier de ramadam beleeft. De straat stond vol met kraampjes om voor Iftar, het ondergaan van de zon, eten in te slaan. Het was een gezellige maar chaotische boel. Ook naast het hostel was de moskee van Tetebatu zeer aanwezig. Gebeden gonsde constant uit de speakers, op een manier die in Nederland onacceptabel zou zijn. Hier was het de kern van de lokale cultuur, die gerespecteerd dient te worden. Het woord irritant is dan ook irrelevant, aangezien ik me hier dien aan te passen. Dat deed ik dus ook.
Hoewel ik in een privékamer verbleef, werd het in de avond erg gezellig in het hostel. Ik sprak met verschillende andere toeristen, waaronder een Nederlands stel, een meisje uit Berlijn, maar vooral een lieve dame uit Denemarken. Frida was tweeëntwintig en reisde net als ik alleen. Waar het gesprek met de Duitse nogal stroef verliep, acteerden Frida, het Deense meisje, en ik als spraakwaterval. We gingen heel de avond door. Zo spraken we over reizen met een relatie - aangezien zij hier momenteel inzat en ik hier nogal gemixte ervaringen mee heb, politiek in Nederland en Denemarken, ons seksleven, muziek, theater en meer. We hadden vanaf het begin een goede vriendschappelijke klik. Iets wat ik nodig had, nadat ik me de afgelopen weken toch regelmatig alleen had gevoeld. Dit was dan ook direct de reden om een nacht te verlengen.
De bar opende pas om zeven uur in de avond, aangezien het drinken van alcohol tijdens de ramadan extra haram is. Toen de bar eenmaal open ging, was onze, tevens moslim, barman direct op dreef. “Lekker biertje!” bleef hij maar schreeuwen, meet een grote lach op zijn gezicht. Dit zei hij overigens niet alleen tegen de Nederlandse gasten. Ook Frida en andere buitenlandse gasten hadden hiermee te dealen. Het was erg grappig. Om één uur sloot de bar weer en was het tijd om richting bed te gaan, waar ik nog even met Julius belde, wat inmiddels ook alweer sinds Bali geleden was.
De volgende ochtend schoof ik de, bij mijn verblijf inbegrepen, pannenkoek naar binnen, voor de wandeltour door de rijstvelden begon. Ik had geen idee wat ik hiervan moest verwachten, maar het bleek erg leuk te worden. Vanuit het hostel liepen we over straat richting de eerste rijstvelden, waar onze gids Adid begon te vertellen over het groeien van rijst, zoals mijn gids van een dag eerder dus ook al had gedaan. Hierna wees hij alle stukken groenten en fruit aan die langs de weg groeiden. Passievruchten, annanas, drakenfruit en natuurlijk lombok pepertjes in overvloed. We proefden koffie, fruit en pandanpannenkoeken waar we uiteindelijk toch voor moesten betalen. Goed, dit was een beetje apart, maar niets is gratis tegenwoordig.
Hierna was het tijd voor de eerste waterval van de dag. Het was een behoorlijke tocht om hier te komen en dus liepen we door een rivier naar een waterval waar we zwommen en van de rotsen af sprongen. Het was koud maar prettig. Onze gids die eerder al had aangekondigd zijn vasten te verbreken bij de waterval loog niet. Hij kon prima niet eten en drinken, maar wilde zijn sigaretten niet missen. De jongen bood mij, zo aardig als hij is, een van zijn kruitnagelcigaretten aan. Als onderdeel van de tour, kan ik deze natuurlijk niet weigeren.
De volgende waterval is ongeveer hetzelfde als de eerste en de benen beginnen een beetje moe te worden. Weer zwem ik, rook ik nog een van zijn zoete cigaretten en gaan we door naar de laatste bestemming, het apenbos. Hier spotten we in een aantal minuten een vijftal zeldzame zwarte apen en de minder zeldzame, maar nog altijd mooie grijze variant. Hierna lopen we, moe maar voldaan, richting de Monkey Forrest Warung, waar ik geniet van de lekkerste Rendang die ik in tijden heb gegeten.
‘s-avonds eet ik opnieuw met Frida, waarna we biertjes drinken en onze gesprekken voortzetten. We hebben elkaar veel te vertellen en dat is prettig. Het kost weer eens geen moeite om een gesprek gaande te houden, waardoor we laat gaan slapen. Voor mij sowieso geen slechte want ik moest mezelf nog tot drie uur ‘s-nachts weten te vermaken. Om die tijd speelde ADO Den Haag namelijk haar promotiewedstrijd tegen Jong FC Utrecht. Live vanuit Den Haag bekijk ik deze wedstrijd en zie ik hoe mijn team ADO Den Haag voor het eerst sinds de degradatie in 2021 promoveert naar de Eredivisie. Ik ben dolblij, kijk wat van de interviews, maar ben tegelijkertijd uitgeput. De volgende ochtend ben ik rond een uur of elf wakker. Ondanks de suggestie van Frida om een extra nacht te blijven, besluit ik uit te checken en de laatste drie dagen op Lombok ergens anders te besteden. Ik lunch weer bij Monkey Forrest Warung en bestel een taxi terwijl ik nog een keer geniet van de pracht en praal van Tetebatu.