← terug naar de atlas

Kuta Selatan · dec 2025

Uluwatu - Genieten in de bouwput van Bali

Uluwatu - Genieten in de bouwput van Bali — Kuta Selatan

Uluwatu is, net als Canggu, een locatie die ik voor het tweede jaar op rij bezoek. Vorig jaar was ik hier ook redelijk hard in mijn oordeel en schreef ik dat Uluwatu niets met Indonesië te maken had. Wellicht was dit destijds wat snel oordelen, aangezien het mijn eerste bestemming in het enorme land was. Nu kan ik hier met iets meer nuance naar kijken, aangezien ik zelf ook beter ben ingelicht in wat dat Indonesische deel is dat ik persoonlijk miste. Laat ik mezelf hierin deels gelijk geven.

Vanuit het hostel waar Miro en Sky met z’n tweeën zaten, boekten wij met z’n drieën een grab auto naar Uluwatu, zo’n anderhalf uur verderop. De daadwerkelijke rit duurde uiteindelijk ruim twee uur en bracht ons door verschillende Balinese dorpjes met elk tientallen warungs (restaurantjes met traditioneel eten), tokos (winkels), tempels en bevolking. Om direct met de deur in huis te vallen, viel er alleen al onderweg naar Uluwatu genoeg cultuur te beleven. Zo is Babi Guling - een op een spit gegaard knapperig varken - een gerecht dat door de hindoeïstische bevolking van Bali met veel trots wordt verdedigd, terwijl het overgrote deel van Indonesië Islamitisch is en dus absoluut geen varkensvlees eet. Het zelfde geldt natuurlijk voor gerechten als Babi Ketcap en Sate Babi, die je ook regelmatig op je bord zult vinden.

Na twee uur rijden, komen we aan bij onze accomodatie. Omdat het prijsverschil hier minimaal was, had ik hier een privékamer geboekt. We werden, zoals gebruikelijk op Bali, ontvangen door een commité van vriendelijk personeel. Een meisje, twee koppen kleiner dan ikzelf, bood aan mijn tas naar de kamer te dragen. Hoewel het voelt als onderdanig, wanneer men alles voor je doet en overdadige verontschuldigingen bij ieder klein foutje de reactie is, draagt het ook bij aan de gastvrijheid en de algehele ervaring. De hostelkamer was voor een kleine dertig euro per nacht en directe toegang tot het infinity-zwembad exact wat ik wilde. We spendeerden onze eerste dag dan ook absoluut met een bintang uit de koelkast van het hostel en onze benen in het water. Ondertussen spraken Miro en ik uitgebreid over een aantal creatieve ideeën die wij hadden. Deze brainstorm sessies in het zwembad zijn een bewijsstuk van de waarde van onze creatieve samenwerking. Omdat we na het heerlijke eten van een dag eerder direct gewend waren geraakt aan deze luxe, zochten we voor deze nieuwe avond ook weer een relatief luxe restaurant uit, dat in principe niet binnen onze backpackersbudgetten pastte. Toch bracht het Japanse eten, een aantal geweldige cocktails en een fantastisch uitzicht over de baai van Canggu, Kuta en Uluwatu, een lach op onze gezichten. In totaal rekenden we ongeveer honderd euro af voor deze koningsmaaltijd. Erg kostbaar in een land als Indonesië, maar een fractie van de daadwerkelijke waarde van alles wat wij hebben gegeten en gedronken.

Voor een groot deel ging de volgende dag redelijk gelijk op aan de eerste. Miro en ik waren vroeg wakker, maar in het geval van Sky leek het er niet op, dat ze zich binnen een paar uur bij ons zou voegen. Na een zwarte bak koffie en een bord nasi goreng als ontbijt zat er dus niets anders op om weer aan het zwembad te gaan liggen. Miro tekende wat op zijn iPad, waar hij recentelijk een stuk beter in is geworden. Ik keek wat mee en speelde zelf het een en ander met mijn camera, waarna ik op mijn laptop foto’s voor mijn Instagram pagina en deze verhalen bewerkte. Toen Sky eindelijk klaar was om te gaan, namen we voor de lunch een grab taxi naar Single Fin.

Single Fin is een restaurant aan het einde van de hoofdstraat in Uluwatu. Ook hier was ik vorig jaar al geweest. Tijdens onze rit hier naartoe, herinnerde ik me waarom ik destijds schreef wat ik schreef. Overal werd gebouwd in Uluwatu. We zagen borden met teksten als: “Here we’re working on your future in Uluwatu.” en “Invest in your piece of Bali.” Alles lijkt hier te koop en dat staat mij ook een jaar later niet aan. Bali voelt al redelijk vol, zelfs terwijl het nu nieteens het hoogseizoen is. Het leven is heerlijk in Bali en ondernemers trekken andere ondernemers aan en hierom is handelen in vastgoed op Bali een geliefde hobby. De vervelende ondertoon hierin is natuurlijk dat deze rijkdom waarschijnlijk niet op een eerlijke manier gedeeld wordt met de lokale bevolking. Iedere grab driver die ik spreek en hiernaar vraag, zegt zeven dagen per week te werken. Wanneer ik dan vraag wat voor uren hij of zij maakt, ligt dit vrijwel uitsluitend boven de vijftien per dag. Dit is een van de redenen dat ik, zeker op Bali, het liefst bij kleinere en lokalere ondernemingen naar binnen ga.

Uluwatu is voor mijn gevoel in het afgelopen jaar alweer veranderd. Vastgoed projecten die vorig jaar nog in volle gang waren, zijn inmiddels geopende restaurants, resorts en andere ondernemingen. Nieuwe stukken land, die voorheen voor het oprapen lagen, zijn inmiddels in ontwikkeling. Zo werd er op het prachtige uitzicht dat Single Fin biedt, een nieuw hotel gebouwd met waarschijnlijk een nog beter uitzichtpunt. Toch kun je het hier aardig naar je zin hebben. We deden weer het gebruikelijke. Bier drinken, heerlijk eten en gezellig kletsen. Dit stopte eigenlijk niet, tot we na de avondmaaltijd, een heerlijke half kippetje bij een brouwerij die ook in Canggu zat, terug gingen naar het hostel. Dit was alweer mijn laatste avond op Bali, voor ik de volgende dag door zou vliegen naar mijn volgende bestemming: Thailand. Hier zal de reis dan echt beginnen, met eerst het verwelkomen van mijn moeder en Maurice, die ik beide al ruim een jaar niet heb gezien.

Wat Bali betreft, ben ik een stuk milder dan een jaar geleden. Het is een fantastische plek om, zeker met vrienden, vakantie te vieren. De kwaliteit van leven is hoog, de waarde ervan nog hoger en de gastvrijheid van de daadwerkelijk lokale bevolking is er het hoogste van alle landen waar ik tot nu toe ben geweest. Zeker als ik de gezelligheid en service van restaurants en café’s vergelijk met Australië, is dit een van de aspecten die ik erg heb gemist het afgelopen jaar. Steeds meer begint het toch ook te kriebelen om andere gedeeltes van Indonesië te ontdekken. Vooral Java en Lombok staan hoog op het lijstje om mijn ongezouten mening over uit te strooien. Voor nu gaan we met een hoop nieuwe ideeën richting Bangkok, de hoofdstad van Thailand en misschien onofficiëel van heel zuid-oost Azië.