← terug naar de atlas

Los Pajales · jun 2023

Acatenango: Rennen over de top van een vulkaan!

Acatenango: Rennen over de top van een vulkaan! — Los Pajales

De wandeling was opgedeeld in vier delen, waarvan we er op dag één drie zouden lopen. Vanaf de weg begon je het eerste stuk over een steil aflopend boerderijlandschap. Volgens de gidsen was dit een van de moeilijkste delen van de hike, maar naar mijn gevoel viel het best mee. Hierna, op 2750 meter hoogte, veranderde het landschap in een wolkenbos, zoals ik net aangaf. We liepen af en toe door de wolken heen en het gaf een verfrissende, maar vochtige sfeer. Het zorgde voor een geheel nieuw uitzicht, dat verder evolueerde toen we op een hoogte van ongeveer 3000 meter aankwamen bij het naaldbos. De begroeiing werd dunner en ademhalen werd lastiger! We aten onze lunch, een soort pizzabroodjes, die best lekker waren. Je kon merken dat iedereen die tot dat punt weinig moeite had gehad, begon te twijfelen. Het geluk was echter aan onze kant omdat het naaldbos ons niet verder omhoog bracht, maar vooral om de vulkaan heen leidde. Het werd kouder en de wind sterker. Het pad werd iets vlakker. Het uitzicht op de Agua en Fuego vulkanen was fantastisch en werd nog beter toen we bij een open stuk opeens ons basiskamp vonden!

Het basiskamp was mooi en voldeed aan alle beloofde voorzieningen. Mooie houten hutjes zouden onze slaapplek zijn voor de komende (halve) nacht. Er was een overdekte plek met picknicktafels waar we later een kaartspel zouden spelen en ons avondeten zouden nuttigen, en het kamp had ook een mooie plek om vuur te maken en een houten vlonder met direct uitzicht op Fuego. Waar we het maar niet over hebben, is het onwijs stinkende gat dat ze een WC noemden. De geur van dood en verderf heb ik nooit eerder zo sterk geroken.

Samen met Sandy en Dahirou, die allebei uit Amerika kwamen, zat ik op de vlonder toen uit het niets alle bewolking die over Fuego was uitgespreid verdween. In plaats daarvan kwam een grijze pluim met rook die maar niet ophield met groeien. Hoewel het langzaam leek, werd de rookwolk met meters per seconde groter, terwijl deze alle andere lucht en wolken verdrong. Fuego was aan het uitbarsten. Natuurlijk zagen we vanwege het daglicht geen lava, maar het was een magisch gezicht. De wolken vormden zich op magische wijze om de verschillende vulkanen heen, en inmiddels was de hele groep gearriveerd om het fenomeen te aanschouwen. We keken ruim een uur naar hoe de wolken kwamen en gingen. Het kon binnen vijf minuten volledig helder worden of zelfs mistig. Het werd donker en het spektakel was voorbij.

We aten pasta met een matige saus, maar het vulde opnieuw. Na het eten speelden we zoals gezegd een kaartspelletje en luisterde ik nog een tijdje naar muziek met een aantal mensen rondom het gemaakte kampvuur. Sandy was toevallig fan van Nothing But Thieves, dus we luisterden naar "Keeping You Around" en ik deed mijn werk als DJ meer dan behoorlijk. Iedereen was tevreden. Alsof we een groep ouderen waren, gingen we vroeg naar bed. Vroeg betekent niet om tien uur, maar half acht in dit geval. We waren moe van de hike en moesten de volgende ochtend om drie uur opstaan om de zonsopkomst op Acatenango te bekijken.

Hoewel het buiten al behoorlijk fris was, was het in de hutjes nog goed te doen. We lagen met z'n vijven (van links naar rechts: Ik, Dahirou, Jesse, Emmeke, Sandy) dicht op elkaar in onze slaapzakken. Via het raam zag ik flitsen van onweer en hoorde ik de regen op het dak. We hadden geluk dat het overdag niet had geregend tijdens het lopen en we hoopten op een heldere nacht.

Er werd op het raam geklopt en iedereen moest wakker worden. Met onze warme kleding nog aan, trok iedereen extra lagen aan. Ik droeg dus twee joggingbroeken en sokken over elkaar, en over de trui die ik vlak voor deze reis kreeg voor mijn verjaardag, droeg ik de dikke jas die ik van OX Adventures kon lenen. Op mijn hoofd had ik een muts, en eindelijk begreep ik het doel van een 'buff', zoals mijn moeder altijd zou zeggen. De handschoenen die ik had waren door de vele gaten hierin het zwakke punt van mijn outfit. Dit zou ik later zeker nog wel merken.

Met onze hoofdlampjes aan begonnen we om half vier aan onze klim naar boven. Het was zwaar, donker, koud en eigenlijk ook een beetje eng. Je zag geen hand voor ogen en de wind blies je bijna omver. Het afzien was compleet wanneer je af en toe door een hoopje los zand tegen de grond werd geworpen. Nee, ik vond het zwaar en was zeker niet de enige.

Het duurde uiteindelijk ongeveer twee uur voordat onze gids aangaf dat we er bijna waren. Het was nog steeds donker, maar mijn ogen begonnen te wennen aan de duisternis, waardoor ik meer kon zien. Op adrenaline en wilskracht leek dat laatste kwartier slechts tien minuten te duren. Voor de eerste keer bereikte ik de top van een vulkaan en liep naar de kraterrand om van het uitzicht te genieten.

Het was adembenemend. In de verte kon ik Guatemala Stad, Antigua en de verschillende vulkanen van het land zien. Omdat de lucht zo helder was, konden we ook de vulkanen aan Lake Atitlan zien liggen. De wind werd echter snel erg koud, en mijn versleten handschoenen hielpen niet veel. Terwijl we wachtten op de zonsopgang, ging ik zitten aan de binnenkant van de krater van Acatenango. Het besefte dat we allemaal ten dode waren opgeschreven als de vulkaan op dat moment zou uitbarsten, was een vreemde maar ook mooie gedachte. Het maakte me bewust van hoe kwetsbaar de mens is ten opzichte van de natuur.

Vanuit het oosten begon de zon langzaam op te komen, wat een prachtige oranje gloed achter de vulkaan Agua creëerde. Het was adembenemend en vredig. Omdat onze groep als eerste de top van Acatenango bereikte, werd het steeds drukker toen de zon opkwam. Het zicht op Fuego werd steeds beter, nadat we die dag tot dan toe alleen een schim hadden gezien. Een constante rookpluim gaf aan dat de vulkaan nog actief was, maar geen grote uitbarsting voor ons in petto had. Helaas, maar dat is de natuur, en er was nog genoeg te bewonderen.

Iedereen was nu boven en onze gids besloot dat het tijd was voor het krachtproefonderdeel van deze hike: de kraterrun. Iedereen die wilde kon een T-shirt verdienen door deel te nemen aan deze hardloopwedstrijd over de krater van Acatenango. De regels waren eenvoudig: je kreeg een shirt als je de volledige ronde van 600 meter kon rennen zonder te stoppen. Het record stond op 4 minuten en 45 seconden. Het lastige zat hem in de kou en vooral het gebrek aan zuurstof op de vulkaan. Met ongeveer 40% minder zuurstof dan op zeeniveau was dit geen eenvoudige opgave, maar toch deed ik mee en haalde ik het! Ik begon natuurlijk te snel en was al moe toen ik het hoogste punt bereikte, maar door bergafwaarts te rennen en mijn snelheid te gebruiken, redde ik het net om de tweede heuvel aan de top te bereiken. Mijn benen begonnen te verzuren en kramp schoot erin. De laatste honderd meter deden pijn, maar ik voltooide het op pure wilskracht. Je staat tenslotte niet elke dag op de kraterrand van een vulkaan.

Toen de zon eenmaal op was en mijn bronchiën door mijn sprint wijd openstonden, was het tijd om naar beneden te gaan. Helaas hadden we niet gezien hoe Fuego lava uitstootte, maar we waren getuige van prachtige rookpluimen. We hadden geluk met het weer, geen regen en een heldere lucht. Je kunt niet alles hebben.

De weg naar beneden was eigenlijk vrij eenvoudig. Toch verbaasde het me enorm hoe steil de vulkaan was die we slechts een paar uur eerder omhoog waren geklommen. Het zwarte zand gleed in mijn schoenen terwijl ik half rennend, half skiënd naar beneden gleed. Je zou denken dat je gemakkelijk helemaal naar beneden zou kunnen rollen, maar dat gebeurde niet. Het uitzicht was prachtig, vooral omdat de zon steeds hoger klom. Terug op ons basiskamp genoten we van een stuk bananenbrood en warme koffie, wat zeer welkom was. We hadden het gehaald en mochten terugkeren naar de bewoonde wereld, waar ik weer normaal kon ademen, naar het toilet kon gaan en rondlopen in mijn shirtje. Het duurde nogal lang voordat we daadwerkelijk bij de bus waren die ons terugbracht naar Antigua, maar we daalden gestaag af door de verschillende klimaatzones die we eerder op de heenweg tegenkwamen. In plaats van kleding aan te trekken, trokken we steeds een laag uit om ons aan te passen aan de warmere omgeving op lagere hoogte.

Eenmaal bij de bus was ik voldaan maar uitgeput. Ik viel in slaap en keek terug op een prachtige tocht. De vulkanen waren geweldig en onze groep was erg gezellig. Ik had geen tijd om te aarzelen, want om twee uur vertrok mijn shuttle naar San Pedro, een dorp bij Lake Atitlan! Ik at een Banh Mi, zoals ik op mijn eerste dag in Antigua had gedaan, en nam afscheid van enkele medewandelaars die ik hier had ontmoet. Met een volle maag en na een verfrissende douche in mijn voormalige hostel, stond de shuttle voor de deur.