← terug naar de atlas

Hostal Casa Loma Minca · mei 2023

Een regenhike en een adoptiehond in Minca

Een regenhike en een adoptiehond in Minca — Hostal Casa Loma Minca

De felle maar nog zeker niet brandende zon schijnt via het kippengaas door mijn slaaphut heen. In Minca heb ik niets te zeggen over mijn eigen slaappatroon, merk ik. Ik word moe wanneer ik moe word en word wakker wanneer ik wakker word, vaak vroeg. Het is half acht als ik begin met het schrijven van dit stuk, niet lang nadat moeder natuur en haar onderdanen – veelal kippen, andere vogels en honderdduizenden insecten – besluiten dat de nacht voorbij is. Het is ochtend.

Twee dagen geleden, na intense bus- en taxiritjes, arriveerden we in Minca. Na een midweek in drukke steden als Medellín en Cartagena waren we allemaal toe aan de rust van de natuur. We keken dus enorm uit naar de komende twee weken, waarin we ons via Minca, Palomino en het Tyrona National Park zouden opmaken voor onze vierdaagse hike naar The Lost City, of de (veel mooiere) Spaanse naam Ciudad Perdida. Maar daarover natuurlijk later meer.

Onze busreis naar Santa Marta leek op het eerste gezicht voorspoedig te verlopen. Miro, Just en ik zaten achter elkaar op een rij met een enkele stoel, waardoor het gangpad voldoende beenruimte bood. Tim zat aan de andere kant van het gangpad, links van mij, met ook een lege stoel naast hem. Het was een kleine bus die ongeveer twintig man kon vervoeren, maar gelukkig bleven enkele stoelen leeg. Tot onze tussenstop rondom Barranquilla was er eigenlijk niets aan de hand, behalve dat we al snel doorkregen dat de bus niet binnen drie uur in Santa Marta zou zijn. Adapt and overcome.

Vanaf het moment dat de bus Barranquilla uitreed, kreeg ik echter het idee dat onze chauffeur, in plaats van ons veilig in Santa Marta af te leveren, liever een einde aan zijn leven zou maken. Hij reed regelmatig op alle rijbanen behalve die van ons en leek een dubbele doorgetrokken streep vooral als een regel te zien die bedoeld was om te negeren. Zijn werkwijze was als volgt:

1. Bumperkleven achter een langzaam rijdende vrachtwagen. 2. Stuur naar links rukken om te kijken of de tegengestelde rijbaan vrij is. 3. Oh nee, toch niet. Terug naar stap 1. 4. Oké, nu wel! Gassen! 5. Vrachtwagen 2 komt frontaal dichterbij. Brace for impact. Nét op tijd seinen naar vrachtwagen 1 dat deze even ruimte moet maken. 6. Herhalen bij de volgende vrachtwagen.

Ondertussen reden we af en toe langs een brandende berm, waarbij onze chauffeur telkens nét te laat (of net op tijd natuurlijk) de airco uitzette. In een voorstadje van Santa Marta zagen we nog hoe de verkeersregels meer adviezen leken voor iedereen en hoe een jong katje bijna werd opgegeten door twee wilde honden.

Bij aankomst in Santa Marta stond er een taxi klaar die ons voor vrijwel geen geld naar Minca wilde brengen, onze eindbestemming voor dat weekend. Één taxi voor vijf man en drie backpacks. Tim, Just en Miro zaten achterin met hun bagage in de achterbak, terwijl ik met mijn tas op schoot naast de chauffeur mocht zitten. Wat ik ervoor terugkreeg, was de Bluetooth-verbinding voor onze rit van veertig minuten. Een kleine greep uit de playlist:

"Traag" - Bizzey, Jozo, Kraantje Pappie "Overcome" - Nothing But Thieves "O O Den Haag" - Harry Klorkestein "Unwritten" - Natasha Bedingfield "Picturesque" - Editors

Waar wij dachten dat onze reisdag erop zat na deze taxirit, werden we verrast door de honderden traptreden die we nog moesten beklimmen om bij ons hostel te komen. Met backpacks en al kwamen we na een kwartier zwoegen aan, net op tijd voor de zonsondergang boven Santa Marta – een schitterend gezicht. Miro en Just kregen de ‘mooie’ kamer dichtbij de receptie en Tim en ik mochten onze intrek nemen in een iets primitievere hut. Ik vond het eigenlijk wel prima. Die avond aten we voor het eerst bij Lazy Cat, mijn nieuwe favoriete restaurant. Hier zouden we de komende twee dagen nog drie keer eten. Verder dronken we nog wat en gingen we op tijd naar bed om de volgende dag te gaan hiken.

Ook de eerste ochtend was ik vroeg wakker. Lekker schrijven en tekenen in mijn boekje en liggen in de hangmat terwijl het nog niet zo warm is door de bewolking boven Minca. We gingen wandelen naar La Candelaria Coffee Farm, een koffieboerderij bovenaan een van de bergen rondom Minca. Na een ontbijtje (met chocolade overgoten pancakes, zelfs voor mij te zoet!) bij Casa Loma Hostel begonnen we onze hike. Eerst wederom de trappen naar beneden om weer in Minca te komen. Hierna was het eigenlijk alleen maar klimmen. Iets wat we niet wisten van tevoren. Eigenlijk dachten we dat we maar 200 meter zouden klimmen, zoals All Trails aangaf, maar dat was niet het geval.

Gelukkig kregen we al snel gezelschap van een hond die bij een nabijgelegen hostel woonde, waardoor de hele hike, die uiteindelijk toch heel de middag duurde, voelde alsof we onze hond aan het uitlaten waren. Denk overigens niet dat zo’n viervoeter ons ophield tijdens deze wandeling. Waar wij om de zoveel meter even moesten puffen en hijgen, liep Pero (Spaans voor hond en een van de verschillende namen die we onze vriend gaven) vaak voorop en heen en weer. Hij liep de hele route mee naar boven én weer terug naar beneden. Tot we weer langs zijn hostel liepen en we Pero nooit meer zagen.

De wandeling zelf was een mooie eerste jungle hike voor Tim en mij. Ik kan me voorstellen dat Miro en Just mooier hebben gezien. We liepen langs grote spinnen, reuzenbamboe en talloze plantensoorten. De heenweg was warm, maar goed te doen. We liepen maar een keer verkeerd en waren binnen anderhalf uur boven. Eenmaal boven dronken we een biertje en een kopje verse koffie met zelfgemaakte chocolade. Ik belde even met Pleun, die ik in juli in Costa Rica zou zien - dit liep anders maar daar zijn we nog niet - toen het begon te regenen. De wolken hadden onze berg al omhuld en het viel met bakken uit de lucht. Verfrissend, maar tegelijkertijd maakte dit de paden erg glad.

De weg naar beneden, wederom met onze trouwe viervoeter, was hierdoor wat listiger, maar niet minder mooi. Het was af en toe springen, afremmen en ontwijken van modderpoeltjes. Toch was het leuk en zorgde de regen ervoor dat we ons eigen zweet eventjes vergaten. Naarmate we bijna beneden waren, stopte de regen en namen we afscheid van Pero.

Eenmaal in het dorpje aten we weer bij Lazy Cat - ik at ceviche maar was niet overtuigd zoals ik drie jaar eerder in Portugal wel was… - en begonnen we weer aan onze klim naar het hostel. Dit was, na onze wandeling eerder die dag, de zwaarste uitdaging van het weekend.

's Avonds gingen we weer naar Lazy Cat voor een bord vlees en dronken we nog wat voor we uitgeteld ons nest in doken. Op de laatste ochtend aten we nog een keer bij ons favoriete stekje en vertrokken we naar Palomino.