Leuke ontmoetingen en van kliffen springen in San Pedro

Na een fantastische maar vermoeiende hike naar de top van de Acatenango, was het tijd om tot rust te komen rondom Lake Atitlan. Mijn verblijfsplaats boekte ik nadat ik een douche had genomen om het zwarte zand van mijn lichaam te wassen. Ik zou minimaal twee nachten in San Pedro verblijven. Om twee uur ging mijn shuttle.
Antigua en San Pedro liggen totaal niet ver uit elkaar, toch deden we over de afstand van ongeveer 140 kilometer bijna vier uur. Bergje op, bergje af en om het hele meer heen. Sneller was geweest om de bus te nemen naar Panajachel, dat noordelijker aan het meer lag. Vanaf hier zou ik dan de boot kunnen nemen naar San Pedro. Alles wat had kunnen zijn, is niet en dus kwam ik na een prima ritje aan in San Pedro la Laguna.
Mijn hostel, Mandala, was niet ver lopen vanaf waar ik werd afgezet en dus liep ik langs de toeristische hoofdstraat van het dorpje naar mijn nieuwe thuis. Wat meteen opviel was de enorme Israëlische vertegenwoordiging in het dorp. Zo waren er Israëlische winkels, restaurants en taalcentra, allemaal in het Hebreeuws. Ook werden de keppeltjes en lange krullen hier zeker niet verborgen. Het deed mij denken aan mijn vakantie in Israël, en ik stelde me voor dat een dorpje aan het meer van Tiberias er ook zo uit zou zien.
Mandala hostel was fijn, klein en rustig, precies wat ik na twee dagen in een grote groep nodig had. Tot mijn eigen verbazing had ik een dorm voor vier personen voor mezelf en hoefde dus geen privékamer te boeken. Het werd nog beter, want het grootste bed in de dorm was een twijfelaar, wat beter is dan in ieder ander hostel tot nog toe. Wel stond het raam wagenwijd open, wat met het meer op loopafstand betekende dat ik die avond op muggenjacht mocht.
Ik gooide mijn spullen op bed en vertrok meteen naar het dakterras. Hoewel de verkiezingen in Guatemala die dag zorgden voor een nationale drooglegging, stond er bovenop ons terras gewoon een koelkast vol lokaal Brahva bier, Corona en frisdrank. De politie zou immers toch niet komen controleren in hostels. Omdat ik de situatie niet wilde misbruiken, nam ik bij aankomst één coronatje. Daar bleef het bij.
Hoewel het rustig was in het hostel, raakte ik aan de praat met Koen, een Nederlandse jongen, en zijn Amerikaanse reisvlam, wiens naam ik kwijt ben. We hadden het over het concert van Rufüs du Sol in Medellín op 12 mei, dat ik net had gemist, maar waar zij wel bij waren. We besloten samen te gaan eten bij Sababa. Sababa betekent in het Hebreeuws zoiets als 'prima' in het Nederlands, soms goed, soms oké. Dit weet ik omdat dit een van de Hebreeuwse woorden is die Yaniv mij ooit leerde.
Ik bestelde de shawarma met rijst en nam een colaatje. Hier hadden ze namelijk geen bier vandaag. Ik zag het als een gezonde afwisseling. Omdat ik die ochtend al om 3 uur wakker was om de vulkaan te beklimmen, ging ik hierna snel naar bed. Ik keek de eerste aflevering van het nieuwe Black Mirror seizoen en sliep vroeg.
De volgende ochtend haalde ik een ontbijtje met pannenkoeken, yoghurt en fruit bij een lokaal tentje om de hoek en dronk ik twee bakken zwarte koffie. Het ontbijt was veel en voor ik het wist, kwam ik Koen en zijn vriendin uit Idaho weer tegen. Het is ook net een dorp. Samen gingen we naar de veerboot om San Marcos La Laguna te bezoeken. Waarom? Hier heb je de mogelijkheid om vanaf een twaalf meter hoog platform een fantastische sprong te maken in het meer. Het park, dat eigenlijk gesloten was, was prima toegankelijk en bood mooie uitzichten. Na een lagere testsprong en een googlesessie over de diepte van het meer (340 meter op z'n diepst, moet lukken!) waren we er klaar voor. De mensen die mij uit mijn kindertijd kennen, weten dat ik dit tot een aantal jaar geleden nooit had gedurfd. Het was leuk, maar doodeng. Na een gesprek met een ongemakkelijke link naar mensen die van de Golden Gate Bridge in San Francisco hun dood tegemoet sprongen, volgde een ongemakkelijke stilte en gingen we het dorp in.
Het dorpje San Marcos La Laguna is volledig ingericht op toeristen, prima, maar wel een heel specifiek soort toeristen. Het dorp zit namelijk helemaal vol met spirituele yoga retreats en vegan restaurants. Het volk dat hierop afkwam was net zo typisch als het dorp zelf. Missie geslaagd, zou je zeggen! Voor ons fungeerde San Marcos vooral als een goede lunchspot. We hadden het over creatieve processen en werken als freelancer en ik bestelde het enige niet volledig vegan gerecht op de kaart. Het was een goede hap gebakken tonijn met een goed bord gegrilde groenten en aardappeltjes. Erg lekker! We vertrokken na bijna te zijn afgezet door een jochie van 6 in de haven, terug naar San Pedro, waar ik afscheid nam van mijn twee vrienden omdat ze van hostel zouden verhuizen. We wisselden nummers uit en zouden elkaar nog wel ergens tegenkomen.
Ik rustte eventjes uit op bed, pakte mijn tas opnieuw in, met mijn door het hostel gewassen kleding. Dit was de eerste keer dat ik mijn kleding na een wasbeurt daadwerkelijk zacht en schoon terugkreeg. Alleen mijn Nothing But Thieves shirtje had nog een klein vlekje, maar verder, chapeau!
Net als op mijn eerste avond in Mandala Hostel, ging ik weer voor een drankje op het dakterras, waar ik dit keer in gesprek raakte met Pete, een leuke Australische gast van 29 jaar oud. We hadden het over muziek en hij ging bijna uit z'n dak toen ik vertelde dat ik een speaker mee had. We luisterden naar Parcels en een andere Australische artiest waar hij fan van was. Ik ontmoette zijn vrouw(!?) Brooke en hun vriendin Lez. De vierde van de groep was helaas ziek, waardoor ze het gezellig zouden vinden als ik met ze mee zou gaan om een hapje te eten.
Eten werd eerder ongegeneerd zuipen, omdat we niet naar een restaurant, maar party hostel Mr. Mullets liepen. Ook goed. Mijn lunch was laat. Omdat ik een Nederlander was en Pete net 'een klein beetje' wiet had gekocht op straat, moesten we dit wel even soldaat maken. (Excuses mama, oma en andere familie! Zo ben ik echt niet! Beloofd!) Er was echter een probleem. Pete kon niet draaien, dus moest ik mee. Na eerst een halfvolle fles rode wijn in mijn handen gedrukt te hebben gekregen, liet Pete zijn prijs zien. En hoewel hij sprak van een klein beetje, haalde de beste man een zak van minimaal zeven gram uit zijn tas. Ik vergeet af en toe dat ze in het buitenland allemaal pure joints roken, maar deze naïviteit ging mij zelfs te ver!
Pete was een leuke vent, maar je kon merken dat hij van een eiland kwam! Een papier-maché les later voor mijn grote vriend en toekomstige bierpong partner, gingen we terug naar Mr. Mullets. Hier deden we mee aan de activiteit van de dag, het bierpong toernooi! Onze eerste wedstrijd wonnen Pete en ik wonderbaarlijk genoeg, maar in ronde twee moesten we onze meerdere erkennen aan de gevloeide drank. We verloren niet! Zeker niet, maar het lukte zowel ons team, als het team van de tegenstander niet om binnen de tijd het laatste bekertje te raken. Misschien had het te maken met het feit dat Pete een half uur per gooi nodig had om de tegenstander te intimideren en uit te schelden, of kwam het door mijn impulsieve gedachten waardoor ik twee bekers kwijtraakte door een bal uit de lucht te vangen, maar we lagen eruit.
Omdat onze wedstrijd zo lang duurde, moest de laatste wedstrijd, de finale, helaas zonder publiek gespeeld worden. Toen het afgelopen was, ging ik snel richting mijn hostel voor een goede portie nachtrust.
De volgende ochtend dronk ik een kopje koffie bij een ander tentje en boekte ik een nacht in de dorms van Mr. Mullets omdat Nini, die ik eerder in El Rio en Antigua al had ontmoet, naar San Pedro zou komen! Vanavond was ten slotte ook de beroemde Mr. Mullets pubcrawl. Ik checkte uit bij Mandala's maar liet mijn spullen nog even staan. Ik sprak met Nini af dat ik haar wel zou komen ophalen in Panajachel, waar haar shuttle zou aankomen.
Panajachel was een uurtje varen met dezelfde boot die ik een dag eerder naar San Marcos had genomen, geen probleem, want het meer was prachtig. Het gaf mij weer een goedkope activiteit. Ik betaalde vijftig quetzal voor een retourtje, dat is een krappe zes euro. Het water was wat onrustiger dan de vorige middag, maar ik had het goed naar mijn zin. Eenmaal in de haven van Pana, zoals de locals het dorp noemen, stond Nini te wachten met Mara, een Duits meisje uit haar shuttle die naar hetzelfde hostel ging. We lunchten (voor mij ontbijt) bij een Thais restaurant in de haven en bespraken onze afgelopen dagen, voor we met de boot terug naar San Pedro vertrokken.