Zonovergoten van het strand genieten in Cartagena

Klaar om Cartagena in te ruilen voor Minca, schrijf ik dit verhaal in het busje van Cartagena naar Santa Marta, vanaf waar we zullen overstappen op ons vervoer richting de jungle en bergen. Met een blazende airco en de deuren al ruim twintig minuten wijd open (terwijl het buiten 33 graden is) verdient deze bus niet echt de prijs voor milieubewust rijden. Soms is het even niet anders, denken we dan maar. Toch is het een patroon dat Colombia leeft van de makkelijke, maar niet extreem efficiënte oplossing.
De afgelopen twee dagen in Cartagena waren warm. Heel wat anders dan het voor Tim en mij al vrij warme Medellin - 26 tegenover 32 graden. Waar ik in Medellin nog een tikkie eigenwijs was met betrekking tot insmeren, zou dat in Cartagena de domste fout zijn die je kunt maken. Oké, behalve je kleine rugzakje met onder andere je paspoort laten staan bij een restaurantje, maar daar hebben we het even niet over.
Na een nachtbus van maar liefst veertien uur en een kwartier, waarin ik niet heb kunnen slapen - waar de fuck moet ik m’n benen en hoofd kwijt? Ik lig altijd op m’n zij! - kwamen we aan een buitenwijk van Cartagena. Het was een cultuurshock die we niet hadden verwacht. Het leek wel Afrika. De taxichauffeurs reden nog minder veilig om mensen heen die over de weg liepen om je voorruit schoon te maken voor wat waardeloze muntjes en de gebouwen waren stoffig en vaak niet afgebouwd. We waren angstig dat dit was waarvoor we 14 uur in een bus hadden gezeten. Gelukkig viel het reuze mee.
Het duurde ongeveer veertig minuten voordat de taxi ons bij ons hostel afzette richting het oude centrum. Casa Zahri was een leuk hostel voor de tijd die we er hadden. Tuurlijk, de douches, wc’s én kranen hadden géén waterkracht, maar het hostel had een leuke binnenplaats met een zwembad(je), prima bedden en tevens prima geventileerde kamers. Qua uitstraling deed dit hostel mij enorm aan Israël denken. Langgerekte katten op de receptiedesk en een roze laag verf op de muren van het hostel.
Op de dag van aankomst besloten we na een lekkere maar karige nasi-achtige lunch, naar het strand te gaan. Na een kort taxiritje naar het vooral op gringo's (officieel: Noord-Amerikanen, in de volksmond: iedereen die er ook maar een beetje wit uitziet) gerichte Playa Hollywood, werden we door onze nieuwe vriend Peter naar onze cabana geleid. Direct bestelden we de eerste biertjes. Ons tafeltje zou een uur of twee later helemaal vol flesjes staan. We werden goed verzorgd. Zo goed zelfs dat je er af en toe helemaal gek van kon worden. “Masaje? Muy blanco!” schreeuwde de ene na de andere Colombiaanse vrouw in je oor, terwijl ze vast begon met het strelen van je rug, voeten of armen. Op het hoogtepunt hebben we ruim vijf mensen binnen een minuut moeten wegsturen omdat we geen megaspeaker, bier, massage, sigaretten, armbandjes of zonnebril nodig hadden. Al met al konden we de lol er ook wel van inzien en maakten met de verkopers die grenzen respecteerden vaak een leuk praatje.
Nooit eerder zwom ik in warm zeewater zoals dit, bakte ik weg alsof ze me in aluminiumfolie op de BBQ hadden gelegd en genoot ik van alles wat er te zien was. We luisterden naar U2, Editors en Oasis en probeerden tegen beter weten in te winnen van de rappers met boomboxes en cabana's die wel hadden toegegeven om een megaspeaker te huren. Hoewel we graag de zonsondergang hadden bekeken op het strand, moesten we een half uur voor de politie van het strand af. We rekenden af voor de cabana en gingen tevreden richting het hostel.
We aten in de stad en zagen het nachtleven van Cartagena opkomen. Een bruisende stad, met ook in het centrum overal verkopers die je graag hun waar zouden verkopen. Zoals een Libanese Colombiaan gisteren tegen ons zei: “Cartagena leeft van toerisme.” Mohammed, zoals de man heette, gaf aan zelf ook in het toerisme te werken. “Als je iets nodig hebt, heb ik het. Zo werkt het hier gewoon.” Hiermee bedoelde hij natuurlijk tours binnen de stad en naar eilanden hieromheen, maar naar mijn idee ook zeker de cocaïne, wiet en 2CB die hier op iedere straathoek te verkrijgen is.
De volgende dag zijn we weer richting het strand gegaan en betaalden we opeens twee keer zoveel voor onze cabana. Rond de veertig euro. Een Colombiaanse man, die naast ons zat met zijn vrouw, kwam naar ons toe. “Ze proberen je hier echt op te lichten! Pas op. Wij hebben net voor een hele dag 10 dollar betaald.” Tuurlijk, het is vervelend als je wordt opgelicht, maar wij zitten hier als vier levensgenietende Hollanders en gaan ons daar niet druk om maken. We hebben heerlijk gezeten en eigenlijk is een tientje per persoon helemaal geen vreselijke prijs.
Die avond gingen we na een goed potje balzakken - Google vooral de spelregels, het is leuk en simpel! - de stad in. We hadden tenslotte nog Ketel 1 mee, dus kochten we een drie literfles cola en gingen we bij het water indrinken. Jullie kregen de groeten van de kakkerlak die Just en ik tegen het lijf liepen.
We gingen om onze tijd in Cartagena af te sluiten, gezellig naar een rooftop bar in het oude gedeelte van de stad. De muziek die de dj's draaiden liep een jaar of twee achter op wat we in Europa gewend zijn, maar het was dit keer geen salsa of reggaeton, dus we waren tevreden. Ze draaiden zelfs "Opus" integraal. Of dit een kracht of zwakte is, mogen jullie zelf bepalen. We dronken twee Corona en een Cuba Libre en gingen daarna weer terug naar het hostel. Op de terugweg zagen we hoe één politieagente het moest opnemen tegen een stuk of twintig jongeren en werden we belaagd door een aantal Venezolaanse vluchtelingen die ons armbandjes probeerden te verkopen. Ik kocht er een, waarna de volgende naar me toe kwam. “Otros familia! Otros familia!” Het jonge zoontje van de familie ging aan mijn been hangen en ik speelde even mee voor ik met een lichte hartpijn het hostel instapte.
In Cartagena zouden we maar 2 dagen blijven. Miro en Just hadden tenslotte al een week in Medellin gezeten en na al die stedelijkheid is een beetje natuur ook wel weer leuk. Nu zijn we onderweg naar Santa Marta om Minca te bezoeken. Een reisdagje af en toe is helemaal zo verkeerd nog niet!